Pensioenschoonmaak


Partnerpensioen 

Bij uw overlijden heeft uw partner recht op partnerpensioen. Onder 'partner' wordt verstaan: 
  • uw echtgenoot of echtgenote
  • degene met wie u een geregistreerd partnerschap hebt
  • degene met wie u een notariële samenlevingsovereenkomst hebt, waarin is vastgelegd dat beide partners een gemeenschappelijke huishouding voeren en voor elkaar zorgen. Daarnaast moeten beide partners op hetzelfde adres bij de gemeente staan ingeschreven.      

Daarnaast geldt als voorwaarde dat het huwelijk, het geregistreerd partnerschap of het samenlevingscontract is aangegaan vóór u met pensioen gaat.

Partnerpensioen na 1 januari 2003
Vanaf 1 januari 2003 is het partnerpensioen automatisch verzekerd, maar wel alleen als u werknemer bent in de schoonmaakbranche. Of als u nog ouderdomspensioen opbouwt omdat u arbeidsongeschikt bent of de pensioenregeling vrijwillig voortzet tijdens onbetaald verlof of na ontslag.

Het partnerpensioen dat uw partner dan ontvangt na uw overlijden, is het partnerpensioen dat u hebt opgebouwd vóór 1 januari 2003 plus 70% van het ouderdomspensioen dat u op zou bouwen tussen 1 januari 2003 en uw 65ste. Ontvangt u een WW-uitkering direct na ontslag uit de schoonmaakbranche? Dan loopt de verzekering ook door, maar is het verzekerde partnerpensioen 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen op de datum van het ontslag.

Ouderdomspensioen uitruilen voor partnerpensioen
Neemt u ontslag, stopt de WW-uitkering of de vrijwillige voortzetting of gaat u met pensioen? Dan kan een deel van uw ouderdomspensioen worden omgezet in partnerpensioen. Dit heet uitruil. U krijgt van het pensioenfonds standaard het aanbod om een deel van uw ouderdomspensioen uit te ruilen. Bent u alleenstaand wanneer u met pensioen gaat? Dan wordt het partnerpensioen dat u eventueel tot 1 januari 2003 hebt opgebouwd, gebruikt om het ouderdomspensioen te verhogen. Is dit partnerpensioen er niet, dan blijft uw ouderdomspensioen gelijk.

Bijzonder partnerpensioen
Na echtscheiding, ontbinding van een huwelijk na scheiding van tafel en bed, beëindiging van een geregistreerd partnerschap of van het samenlevingscontract, heeft de ex-partner recht op bijzonder partnerpensioen. Er bestaat recht op Bijzonder partnerpensioen als de deelnemer pensioen heeft opgebouwd voor 1 januari 2003 en de relatie is beëindigd op of na 1 januari 2003.

Bij beëindiging van het samenlevingscontract is het nodig dat u dit schriftelijk aan het pensioenfonds laat weten. Dan moet een notariële akte worden opgestuurd, waarin de datum van het einde van de samenleving staat. Ook een zelf opgestelde verklaring die door beide partners is getekend, is voldoende. De handtekeningen moeten dan wel door een notaris worden gewaarmerkt.

Hebt u een ex-partner met recht op bijzonder partnerpensioen, dan wordt dit bijzonder partnerpensioen afgehaald van het partnerpensioen voor uw huidige partner. Dat geldt ook als uw ex-partner al is overleden.